Nedinsco: Samen zicht op de defensiemarkt

Nedinsco: De internationale defensiemarkt biedt nieuwe kansen voor Limburgse ondernemers. Maar hoe vind je daarin je plek? Arno en Erik van Nedinsco kennen de markt, de technologie en de toeleveringsketen.
Blijven kiezen voor techniek
Arno Bouwmeester en Erik Jansen
Managing Director en Sales Manager Defence Nedinsco
Nedinsco bouwt voort op ruim honderd jaar ervaring, maar kijkt vooral vooruit. Managing Director Arno Bouwmeester en Sales Manager Defence Erik Jansen vertellen over investeren in eigen kennis, ontwikkelen voor een markt waarin geduld onmisbaar is en het belang van dicht bij je product blijven. Want wie alleen maakt wat een ander bedenkt, geeft ook een belangrijk deel van zijn toekomst uit handen.


Interessante technologie hebben is één ding. Weten wat je ermee kunt oplossen, is iets anders. Juist daar helpt de jarenlange ervaring van Nedinsco, vertelt Erik. “Een startup kan een heel interessante technologie of capability hebben, maar nog niet precies weten waar die toegepast kan worden. Door onze ervaring en contacten met Defensie, de Bundeswehr en industriepartners hebben wij vaak al snel een operationeel beeld: hoe kan deze technologie een militair of zijn voertuig daadwerkelijk verder helpen?” Die blik op de toepassing zie je ook terug in de ontwikkeling die Nedinsco zelf heeft doorgemaakt. “Vroeger leverden we bijvoorbeeld alleen een camera- of optisch systeem”, vertelt Arno. “Nu leveren we steeds meer geïntegreerde systemen, met de software en besturing erbij. Met behulp van AI kun je bijvoorbeeld informatie uit beelden halen die de gebruiker helpt om risico’s sneller te herkennen. Vroeger leverden we bij wijze van spreken de monitor, nu willen we de gebruiker met een integrale oplossing helpen om snel te kunnen handelen.”
Zelf weten wat erin zit
Die ontwikkeling sluit aan bij een keuze die Nedinsco zo’n zes à zeven jaar geleden maakte: meer eigen producten ontwikkelen en daarvoor ook meer kennis zelf in huis halen. “We willen de elektronica en software zelf in handen hebben en ook de mechanica hier kunnen maken of daarvoor samenwerken met bedrijven”, zegt Erik. “Het liefst opereren we regionaal, tenzij het niet anders kan.” Die koers vroeg om investeringen in machines, maar vooral ook in mensen met kennis van onder meer software, videobewerking en AI. Voor Arno hoort ontwikkelen nadrukkelijk bij produceren. “Als je zelf produceert, weet je wat maakbaar is en wat niet. Daardoor kun je sneller een goed product ontwikkelen en veranderingen sneller doorvoeren. Dat is enorm waardevol, in tijd én in geld.” Nedinsco investeert daarom ook in automatisering en robotisering om lokale productie competitief te houden. “Je kunt natuurlijk zeggen: in Oost-Europa kan het goedkoper. Maar je kunt ook technologie aan je productieproces toevoegen en met minder mensen meer produceren. Daar geloof ik echt in.”
Dat Nedinsco steeds meer eigen kennis heeft opgebouwd, speelde ook een rol bij de recente overname door het Duitse HENSOLDT. “Zij zien de waarde van de knowhow die we hier hebben”, vertelt Arno. Tegelijkertijd biedt de aansluiting bij een grotere internationale speler nieuwe mogelijkheden. “Bij grote voertuigprogramma’s helpt het als je onderdeel bent van een bedrijf met een bepaalde omvang. Dat geeft vertrouwen en opent voor ons deuren naar nieuwe markten.”


De werkelijkheid verandert snel
Hoe snel technologie én de toepassing ervan kunnen veranderen, ziet Nedinsco terug in de lessen die vanuit oorlogsgebieden zoals Oekraïne komen. Erik: “Drones zijn het wonderwoord. De manier waarop die nu worden ingezet, was een paar jaar geleden op deze schaal nog ondenkbaar. Via Defensie en industriepartners krijgen we kennis uit het veld terug en ontwikkelen we capabilities die twee jaar geleden nog niet bestonden.” Ook geopolitieke ontwikkelingen hebben invloed op de markt waarin Nedinsco opereert. Volgens Arno groeit in Europa het besef dat bepaalde kennis en technologie dichter bij huis moeten blijven. “We kunnen niet meer vanzelfsprekend vertrouwen op partners uit het verleden. Europa zal meer zelf moeten kunnen.” Voor Nedinsco sluit dat aan bij de beweging die het bedrijf zelf al had ingezet: meer geïntegreerde systemen ontwikkelen en meer kennis in eigen huis hebben.
Maar zelf kennis hebben, betekent nog niet dat je achter een bureau kunt bedenken wat de beste oplossing is. Nedinsco zoekt daarom nadrukkelijk contact met de mensen die de systemen uiteindelijk gebruiken. Medewerkers gaan mee op oefening en laten producten in de praktijk testen. “Dan hebben onze techneuten iets ontwikkeld waarvan we denken: dit is fantastisch”, vertelt Arno. “En dan zegt een eindgebruiker bijvoorbeeld: ja, heel mooi, maar ik kan dat touchscreen niet bedienen met mijn handschoenen aan. Technisch kan iets dus geweldig zijn en in de praktijk toch niet werken. Daar kom je alleen achter door met eindgebruikers te testen.” Erik spreekt daarbij liever van een wisselwerking dan van leren van opdrachtgevers. “Wij weten wat er technologisch mogelijk is en zij weten wat er operationeel nodig is. Je zegt bijvoorbeeld: als we dit en dit toevoegen, dan kun je dát. En vervolgens komt de vraag: maar zou dit dan ook kunnen? Zo maak je een product echt samen.”


Een lange adem
De toegenomen aandacht voor defensie trekt ook bedrijven aan die niet eerder in deze markt actief waren. Daar liggen kansen, maar Erik waarschuwt voor het idee dat een ondernemer met productiecapaciteit simpelweg bij Defensie kan aankloppen voor een order. “De supplychain is lang en zit vol regels. Je moet goed weten welke rol je daarin speelt. Wij leveren zelf bijvoorbeeld geen compleet vliegtuig of een tank. Wij leveren systemen aan de bedrijven die zulke producten maken. Een bedrijf dat vervolgens voor ons iets maakt, zit daar weer achter.” Ook het tempovraagt iets van ondernemers. “Je moet geduld hebben”, zegt Erik. “De tijdslijnen zijn lang, je moet voorfinancieren en de series zijn relatief klein. Je investeert in nieuwe technologie, maar het kan lang duren voordat je een opdracht krijgt en daadwerkelijk gaat uitleveren. Dat begrijpt niet iedereen.” Vooral voor startups kan dat lastig zijn, omdat je wel een stevige financiële basis nodig hebt om die periode te overbruggen. Toch ziet Erik ook een positieve verandering. “Eerder was Defensie voor sommige bedrijven een no-go. Nu is het door de noodzaak toegankelijker geworden. Daardoor leren wij ook nieuwe bedrijven kennen die iets aan onze keten kunnen toevoegen.”
Niet alles staat in een contract
Wie onderdeel wordt van die keten, moet volgens Erik verder kijken dan de eerstvolgende order. “Vertrouwen is echt een sleutelwoord in deze industrie. Je kunt niet alles in contracten vastleggen. Als er een probleem ontstaat, moet Defensie erop kunnen vertrouwen dat de leverancier er staat en helpt om het op te lossen.” Arno herkent dat. “Als het misgaat, wil je weten dat iemand intrinsiek gemotiveerd is om het probleem op te lossen. Dat vraagt ook om investeren in elkaar. Dat doen wij, maar dat verwachten we ook van onze partners.”
Maar Nedinsco investeert ook in bedrijven die de defensiemarkt willen betreden door kennis en ervaring met hen te delen. Erik: “We nodigen bedrijven hier uit en vertellen hoe deze industrie werkt, hoe het netwerk in elkaar zit en waar je moet zijn. Soms kan iemand bij ons aanhaken in de supplychain en soms verwijzen we door. Op die manier proberen we elkaar verder te helpen.”
Roy Golsteijn, business developer defensie bij LIOF
“De samenwerking met Nedinsco kenmerkt zich door korte lijnen, wederzijds vertrouwen en een grote bereidheid om gezamenlijk kansen te verkennen en initiatieven op te pakken.”
Eerst de kennis
Als het gesprek op Limburg komt, zijn Arno en Erik kritischer. Voor hightechsamenwerking kijkt Nedinsco nu nog regelmatig richting Eindhoven. Limburg heeft volgens hen goede maakbedrijven, maar mist de dichtheid aan technologiebedrijven. Voor Arno begint verdere technologische groei in Limburg dan ook niet bij productie alleen. “Maken ben je het eerste kwijt. Als je eigen technologie hebt, is dat veel moeilijker te verplaatsen. Daarom wilden wij zelf ook niet alleen maar maken, maar steeds meer naar eigen technologie toe.”
Technologie ontwikkelen vraagt wel om mensen die dat kunnen. En juist die zijn in Limburg niet altijd gemakkelijk te vinden. Nedinsco leidt medewerkers daarom deels zelf verder op tot het niveau dat voor het werk nodig is. Voor de langere termijn ziet Arno vooral een rol voor het onderwijs. “We moeten in heel Nederland en zeker ook in Limburg structureel investeren in techniekonderwijs. Niet kortstondig, maar voor de komende tien of twintig jaar. Van basisschool tot het einde van de opleiding, en op alle niveaus. Want we hebben alles nodig.” Erik trekt die gedachte breder naar de ontwikkeling van de regio. Volgens hem vraagt het opbouwen van zo’n technologisch ecosysteem ook om duidelijke keuzes en de bereidheid daar langdurig in te investeren. “Je moet niet een beetje van alles willen. Als je als provincie of regio ergens voor kiest, ga er dan ook echt voor. Zorg dat je een kenniscentrum wordt en trek daar ook mensen van buiten voor aan.”
Ook nieuwe groeikansen voor jouw onderneming ontdekken?
Wil je nieuwe markten verkennen of jouw innovatie verder brengen? LIOF helpt je met sectorkennis, begeleiding en toegang tot relevante partners en netwerken.